Corona-toegangsbewijs om naar het werk te mogen?

Terug
Corona-toegangsbewijs om naar het werk te mogen?
Categories
Nieuws Insights
Datum:
6 Dec 2021

De mogelijkheid om het Corona Toegangsbewijs (hierna "CTB") in te voeren op de werkplek is de laatste tijd veel in het nieuws geweest. Momenteel kunnen werkgevers niet van hun werknemers eisen dat zij hun CTB tonen voordat zij de werkplek betreden. Dit kan binnenkort veranderen aangezien eerder deze week een voorstel om het gebruik van het CTB uit te breiden is ingediend bij de Tweede Kamer.

Door:
Christine Daniels, Hylda Wiarda

Het wetsvoorstel

Het voorstel houdt het volgende in:

1.    De mogelijkheid om de verplichting van een CTB om toegang te verkrijgen ook op te leggen aan werknemers (inclusief zelfstandigen en vrijwilligers) in sectoren waar deze verplichting nu al geldt voor bezoekers;

2.    De mogelijkheid om het CTB te verplichten voor arbeidsplaatsen in sectoren waar nu geen CTB-plicht geldt;

3.    Om deze verplichting uit te breiden tot mensen die de werkplek bezoeken.

Het CTB voor de werkplek zal op basis van 3G zijn, niet 2G. Dit betekent dat ook een werknemer die op basis van een negatieve testuitslag een QR-code heeft gekregen, toegang krijgt tot de werkplek.

De regering zal bij ministeriële regeling de sectoren als bedoeld onder 2. aanwijzen en wel daar waar zij dit noodzakelijk acht om de overdracht van het Coronavirus op de werkplek te beperken. 

Deze ministeriële regeling zal verder ook bepalen dat het CTB-vereiste onder 2. hierboven niet van toepassing is wanneer werkgevers een vergelijkbaar niveau van bescherming kunnen bieden. Wat als een "vergelijkbaar niveau" wordt beschouwd, zal ook uit deze ministeriele regeling volgen. 

En hoewel het de regering is die beslist over de aanwijzing van de sectoren waarin het gebruik van een CTB verplicht zal zijn, zullen de werkgevers in die sector de keuze hebben om geen gebruik te maken van het CTB, maar in plaats daarvan de maatregelen te nemen die nodig zijn om te voorzien in een vergelijkbaar beschermingsniveau op de werkplek. Een en ander in lijn met de criteria die in de regeling zullen worden aangegeven.

Disciplinaire maatregelen bij weigering werknemer?

Volgens de regering moeten werkgever en werknemer "in het kader van goed werkgeverschap en goed werknemersgedrag" proberen tot een passende oplossing te komen in gevallen waarin een werknemer geen CTB kan (of weigert te) tonen. Dit kan bijvoorbeeld inhouden dat het werk tijdelijk in een aangepaste vorm wordt verricht, dat vanuit een andere locatie wordt gewerkt of dat tijdelijk ander werk wordt verricht.

Wanneer dit niet tot een oplossing leidt, kan de werkgever de werknemer de toegang tot de werkplek ontzeggen. In dat geval is het de vraag of de werknemer recht houdt op loondoorbetaling. Het algemene uitgangspunt is dat een werknemer recht houdt op zijn loon, ook als hij de overeengekomen arbeid niet verricht. Dit beginsel is echter niet absoluut. De regering is van mening dat als de niet-nakoming redelijkerwijs voor rekening van de werknemer komt, deze niet meer voor rekening van de werkgever komt. Daarvan kan volgens de regering sprake zijn als de werknemer de CTB niet kan of wil tonen, redelijke aanwijzingen van de werkgever niet opvolgt of een redelijk voorstel van de werkgever afwijst. Werkgevers moeten hierin een afweging maken waarbij alle omstandigheden worden meegenomen. Een belangrijke factor zou bijvoorbeeld kunnen zijn of de werknemer in staat is zich te laten testen om een CTB te verkrijgen en of dit, gelet op de frequentie en de concrete testmogelijkheden waarover de werknemer beschikt, in redelijkheid van de werknemer kan worden gevergd.

De regering gaat bovendien nog een stap verder en stelt dat indien de werkgever en de werknemer niet tot een voor beide partijen bevredigende oplossing kunnen komen, de werkgever er als ultimum remedium voor kan kiezen om de arbeidsovereenkomst te beëindigen. In de praktijk zal dit slechts in uitzonderlijke gevallen mogelijk zijn.

Wanneer wordt dit van toepassing?

Alvorens de wet aan de Tweede Kamer voor te leggen, is advies gevraagd aan de Raad van State. De Raad vond het huidige voorstel erg ingewikkeld voor werkgevers in sectoren die niet onder het CTB vallen. De regeling kan leiden tot ongewenste conflicten op de werkvloer, waarbij een werkgever klem komt te zitten tussen gevaccineerde en niet-gevaccineerde werknemers. De Raad heeft daarom aanbevolen het huidige voorstel zodanig te wijzigen dat de wetgever zelf de keuze maakt wanneer en hoe een regel van toepassing is, in plaats van deze verantwoordelijkheid bij de werkgever te leggen.

Het wetsvoorstel werd recent ingediend in de Tweede Kamer maar zal pas na het kerst reces verder worden behandeld. Vervolgens zal het nog in de Eerste Kamer moeten worden behandeld en aangenomen voordat het in werking kan treden. 

Wij houden u uiteraard op de hoogte van de ontwikkelingen.