Hoe wordt de definitieve subsidie van NOW 1 vastgesteld?

Terug
Hoe wordt de definitieve subsidie van NOW 1 vastgesteld?
Categories
Nieuws Insights
Datum:
10 Sep 2020

Door:
Aimée Peterse, Joost Verlaan

Op 8 september 2020 heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) via een kamerbrief bekend gemaakt dat het UWV er naar streeft dat werkgevers vanaf 7 oktober 2020 een verzoek kunnen indienen om hun NOW 1 subsidie definitief te laten vaststellen (de eindafrekening).

Vanwege de grote verscheidenheid van werkgevers die een NOW 1 subsidie hebben aangevraagd, wordt bij de eindafrekening rekening gehouden met deze verschillen. De Minister van SZW en de Nederlandse Beroepsorganisatie voor Accountants NBA hebben in dat kader een speciaal accountantscontroleprotocol ontwikkeld. Bij de controle zal een groot bedrijf dat veel subsidie heeft ontvangen een uitgebreide controle krijgen. Een klein bedrijf dat weinig subsidie heeft ontvangen, zal minder uitgebreid worden gecontroleerd.

Hieronder vindt u een overzicht waarin het accountantscontroleprotocol wordt verduidelijkt. Een uitleg bij dit overzicht treft u onderaan dit overzicht aan.

Tabel vaststelling NOW 1.JPG

Subsidie: voorschot van maximaal € 20.000,- of € 25.000,- subsidieaanvraag

Voor werkgevers die een voorschot van maximaal € 20.000,- hebben ontvangen of een subsidieaanvraag van maximaal € 25.000,- hebben gedaan, hebben naar verwachting geen verklaring nodig bij hun vaststelling. Bij deze organisaties wordt een risicogericht onderzoek gedaan door het UWV.

Subsidie: aanvraag tussen de € 25.000,- en € 125.000,- of subsidievoorschot tussen de € 20.000,- en € 100.000,-

Werkgevers die binnen deze categorie vallen, hebben een derdenverklaring nodig. Deze derdenverklaring kan worden afgegeven door een accountant, administratiekantoor, belastingconsulent of een boekhouder. Hoe deze verklaring er precies uit komt te zien, wordt de komende weken vastgesteld door de minister van SZW. Wel is reeds bekend gemaakt dat deze derdenverklaring een aantal (beperkte) werkzaamheden zal vragen van de onafhankelijke deskundige.

Subsidie: voorschot tussen € 100.000,- en maximaal € 375.000,-

Werkgevers die een subsidievoorschot hebben ontvangen binnen deze categorie, kunnen worden onderverdeeld in twee groepen:

  1. Geen controleplichtige onderneming:
    1. De onderneming die geen controleplicht hebben, d.w.z. geen verplichte accountantscontrole voor de jaarrekening hebben, volstaat met een aan assurance verwante opdracht (de samenstellingsverklaring). Deze onderneming moet bij de aanvraag tot vaststelling van de definitieve NOW 1 subsidie een samenstellingsverklaring van een accountant bijvoegen. Voor deze verklaring:
      1. Levert de onderneming financiële gegevens aan;
      2. Stelt de accountant het financiële overzicht samen, zonder zekerheid te geven zekerheid over de gegevens in de aanvraag;
      3. Verricht de accountant aanvullende werkzaamheden om de door het Ministerie SZW geïdentificeerde specifieke risico’s van de NOW te adresseren.
  2. Controleplichtige onderneming:
    1. Aan de onderneming die controleplichtig is, wordt een assurance-rapport met beperkte mate van zekerheid gevraagd, met een intensievere risicoanalyse en werkzaamheden op basis van deze analyse door een accountant. Ook hier moet de accountant aanvullende werkzaamheden verrichten om de door het Ministerie SZW geïdentificeerde specifieke risico’s van de NOW te specificeren.

Subsidie: voorschot van minimaal € 375.000,-

Ook binnen deze categorie kunnen werkgever worden onderverdeeld in twee groepen.

  1. Geen controleplichtige onderneming:
    1. Aan de onderneming die controleplichtig is, wordt een assurance-rapport met beperkte mate van zekerheid gevraagd, met een intensievere risicoanalyse en werkzaamheden op basis van deze analyse door een accountant. Ook hier moet de accountant aanvullende werkzaamheden verrichten om de door het Ministerie SZW geïdentificeerde specifieke risico’s van de NOW te specificeren.
  2. Controleplichtige onderneming:
    1. Gezien de grootte van de onderneming en de hoogte van het subsidiebedrag wordt extra zorgvuldigheid verwacht van controleplichtige organisaties. Daarom wordt van hen een assurance-rapport met een redelijke mate van zekerheid verwacht. Dit onderzoek betreft dezelfde mate van zekerheid als een reguliere jaarrekeningcontrole, toegespitst op een controle op de NOW-subsidie.

Aanvraag niveau werkmaatschappij

Tot slot geldt er een aparte controleverplichting voor ondernemingen (= werkmaatschappijen) die een aanvraag hebben ingediend op basis van artikel 6a van de regeling. Uit artikel 6a van de NOW-regeling volgt dat een individuele werkmaatschappij, die onderdeel uitmaakt van een concern, een subsidieaanvraag kan indienen mits deze werkmaatschappij een eigen rechtspersoonlijkheid heeft en meer dan 20% omzetdaling heeft. Aan deze mogelijkheid zijn extra voorwaarden verbonden (zie ons artikel over omzetdaling binnen concernverband). Gezien de aanvullende risico’s die samenhangen met deze aanvullende voorwaarden wordt van deze organisaties altijd een assurance-rapport met redelijke mate van zekerheid verlangd.

Wat als een organisatie geen goedgekeurde accountantsverklaring indient?

  1. Wat als een organisatie een verklaring met beperking inlevert, d.w.z. dat de organisatie een te grote fout of onzekerheid in haar omzetverantwoording? In dat geval wordt aan de accountant gevraagd om onzekerheden en fouten in de verklaring op te nemen en hiervoor een pro forma berekening te maken voor de gevolgen van de omzetdaling op grond van het accountantsprotocol. Het UWV zal vervolgens de fouten en onzekerheden in de aanvraag corrigeren.
  2. Wat als een organisatie een door de accountant afgekeurde verklaring inlevert? Dan zal de subsidie op nihil worden gesteld en het uitgekeerde voorschot zal in zijn geheel worden teruggevorderd.
  3. Wat als een organisatie een door de accountant gegeven verklaring van oordeelonthouding inlevert? Dan kan de subsidieverstrekker (Ministerie SZW) geen oordeel vormen over de juistheid van de gegevens van de aanvraag en bestaat er dus onvoldoende zekerheid over de rechtmatigheid van de toegekende subsidie. Daarom zal de subsidie in dat geval worden vastgesteld op nihil. Let op: deze nihil-vaststelling zal zowel gebeuren als een accountant een oordeelonthouding bij een assurance-rapport met redelijke mate van zekerheid afgeeft als bij een assurance-rapport met een beperkte mate van zekerheid (zie categorie II en III in het schema).

Er geldt op basis van het bovenstaande een uitzondering voor organisaties die een verklaring met redelijke mate van zekerheid nodig hebben, maar waar vanwege de omvang van de onderneming of corona gerelateerde omstandigheden de administratieve organisatie en interne beheersing (tijdelijk) ontoereikend zijn, ondanks de grootte van de organisatie. Mocht deze situatie aan de orde zijn, dan kan de accountant aangeven dat zijn oordeelonthouding uitsluitend wordt veroorzaakt door deze inherente beperkingen. In dat geval kunnen het Ministerie SWZ en het UWV erop vertrouwen dat er geen andere aangelegenheden zijn die tot een niet-goedkeurend oordeel zouden hebben geleid. Het in het geheel terugvorderen van het subsidievoorschot is daarom buitenproportioneel. De subsidie zal wel worden vastgesteld, maar wel op een lager bedrag – er wordt een korting van 10% op de subsidie toegepast.